pers

Cd-recensies

‘Welcome stranger’. 2012. Aquarius kamerkoor

© Aart van der Wal, (juli 2012) …. Posman behoort (inderdaad!) tot de garde van de postmodernisten, maar daar komt mijn fascinatie voor zijn werk niet vandaan. Het is veel eerder de manier waarop hij het oude en beproefde laat weerspiegelen in een eigen, zeer afwisselende ‘toontaal’ waarmee een bijzonder effect wordt gesorteerd: de tonaliteit wordt uit het eigen keurslijf gehaald (bevrijd?), soms bijna onmerkbaar of plotseling, maar altijd onmiskenbaar wie goed luistert. Dan blijkt de zo vertrouwde, veilige tonaliteit niet langer een anker maar een dwaallicht. We merken dat die tonaliteit is ‘opgetild’ (of, anders bekeken, zichzelf heeft opgetild), reeds aan het begin of als we al verder in het parcours zijn aanbeland. Een gestage stroom die op zich alleen al daardoor een spanning oproept die – paradoxaal genoeg – weldadig aandoet. Daarentegen kan er ook sprake zijn van onwezenlijkheid, van vervreemding, zoals in ‘Wilder Rosenbusch’ en ‘An die Parzen’ , waarin muziek en dichter dezelfde taal spreken. Het is hier dat de geringste beweging die de meest afwisselende figuren oplevert. Maar tevens: hoe groot de verschillen ook zijn tussen het diep spirituele ‘Omittamus studia’ (uit de ‘Carmina burana’) voor gemengd koor en The tyger (voor twee sopranen, gemengd koor en elektronisch versterkt klavecimbel, op tekst van William Blake), het is toch steeds de poëzie die de pulserende factor is die een bijna gesublimeerde gloed over deze muziek legt. Dat lukt, denk ik, alleen bij een uitvoering op het niveau zoals hier, wat trouwens voor de gehele cd geldt: volmaakte intonatie, zuivere toon- en klankvorming, fraseringen die geen smetje kennen, contrastrijk, een fraai afgewogen ritmische puls en net zo perfect in balans. Dit is een schoolvoorbeeld van verfijnd musiceren en tevens een prachtig voorbeeld van affect in plaats van effect. De opnamekwaliteit is van hoog gehalte. Heel bijzonder! http://www.opusklassiek.nlvolledig artikel 

 Andrea Bedetti. (2012).La musica, fin dall’antichità, ha sempre fatto i conti con l’altra forma artistica “musicale” per eccellenza, la poesia. Un rapporto che non ha mai (e mai cesserà) di esistere, visto che anche il linguaggio musicale contemporaneo continua a prestare attenzione a questo binomio.

Uno dei più raffinati musicisti belgi attuali, Lucien Posman, si è specializzato proprio nel repertorio vocale e corale, prestando molta attenzione a come il suono della voce/poesia possa unirsi, sovrapporsi e anche anteporsi a quello dello strumento musicale. Il bel disco che la casa discografica belga Phaedra ha voluto dedicargli, e che fa parte della collana che presenta opere di compositori fiamminghi contemporanei, presenta un ventaglio di opere corali (con e senza accompagnamento musicale) nelle quali Posman ha voluto accostare la forza, la potenza dell’atto poetico con l’espressione sonora della voce. Così, componimenti poetici di William Blake, della Bibbia, dei Carmina Burana, di Reiner Maria Rilke e di Friedrich Hölderlin, vengono plasmati, articolati, distribuiti dal contesto vocale attraverso un linguaggio musicale che si richiama ai postulati del postmodernismo, con una frammentazione sonora (innanzitutto strumentale) che però non abbandona mai posizioni che si richiamano a un’identificazione non tanto tonale quanto modale. Se composizioni quali “Welcome Stranger to this Place” e “Ode to the Seasons” (tratti da versi di Blake) non rivestono un particolare interesse, al contrario pagine come “Wilder Rosenbusch” (da versi di Rilke), “An die Parzen” (da Hölderlin) e “The Tyger” (sempre da Blake) presentano un intreccio nel quale voce e suono strumentale intraprendono un rapporto di esplorazione e di ricerca, nel quale però la proiezione timbrica non perde mai di vista una debita consonanza formale. Soprattutto “An die Parzen” e “The Tyger” risultano particolarmente intriganti nel gioco di rimando che si attua tra voce/verso e suono che ne deriva. Ineccepibile la prova del coro misto ACQUARIUS, così come dell’ensemble musicale e delle voci soliste, il tutto ben coordinato dal podio da Marc Michael de Smet. Cd Classico – recensioni e interviste dal mondo del disco

 http://www.cdclassico.com/index.php?option=com_content&view=article&id=991:cd-phaedra-l-posman-welcome-strander&catid=34:recensioni&Itemid=55

Translation

 Music, since ancient times, has always come to terms with poetry, the other form of art considered “musical” for excellence. This relationship has never (and will never) ceased to exist since even the contemporary musical language continues to pay attention to this binomial.

One of the finest contemporary Belgian musicians, Lucien Posman, is specialized in vocal and choral repertoire, paying attention to embed, overlap and precede the sound of the voice/poetry  over the musical instrument. The beautiful album, which the Belgian record company Phaedra dedicated to him as a part of the works series on contemporary Flemish composers, presents a range of choral works (with and without musical accompaniment ) in which Posman wanted to juxtapose the strength, the power of the poetic expression to
the sound of the voice. So the Poems by William Blake, Rainer Maria Rilke and Friedrich Hölderlin, the Bible, the Carmina Burana are shaped , articulated , distributed by the speech context through a musical language which refers to the postulates of postmodernism. The
fragmentation of the sound ( primarily instrumental ) never abandons positions which recall an identification much more  modal than tonal. If compositions such as “Welcome Stranger to this Place ” and ” Ode to the Seasons ” ( taken from the verses of Blake ) are not particularly
interesting , at the contrary pages as ” Wilder Rosenbusch ” ( verses from Rilke ) , ” An die Parzen ” (from Hölderlin ) and ” the Tyger ” (also from Blake ) presents an intersection of voice and instrumental sound which undertake an explorative and researching relationship, even
if the timbral projection never loses a sight of a proper formal consonance. Above all, ” An die Parzen ” and ” The Tyger ” are particularly intriguing in the game of reference which takes place
between voice / sound derived from it and to it. The mixed choir AQUARIUS is an unexceptionable proof, as well as the musical ensemble and solo voices , all well coordinated from the podium by Marc Michael de Smet .

Some Blake works. 2002.  Goeyvaerts Consort 

H.  Culot, « The Book of Los … might be considered a choral symphony in all but the name. …This is music of great beauty and lyrical appeal, and there is much to relish in this beautifully simple but superbly crafted music that should appeal to choirs willing to explore some unfamiliar, challenging but ultimately rewarding repertoire. Warmly recommended. »,   www.musicweb.uk.net

 A. Fiumara, «  Lucien Posman is nog niet echt een klinkende naam in Nederland, maar daar mag wat mij betreft verandering in komen..()..Het koor is goed, mooi van stemming », Luister, april 2003

F. Mallet, «  Avec clarté, le compositeur y favorise l’entrelacs des différentes tessitures du Goeyvaerts Consort, jeune et excellent choeur belge fondé en 1995, essentiellement tourné vers le répertoire de la seconde moitié du xxe siécle…et maintenant du XXIe avec la musique de Posman » in Le Monde de la Musique, maart 2003, p. 83

 M. Ruyters, «  Hij bedient zich van de verworvenheden van een lange koortraditie en komt tot een persoonlijke en hedendaagse koorstijl waarin de aandacht voor de diepere betekenis van de tekst opmerkelijk is. Het Goeyvaerts Consort, dat hedendaagse Vlaamse muziek hoog in het vaandel voert, toont zich voor dit a-cappellarepertoire opnieuw een eersterangsvertolker » De Financieel-Economische Tijd 16 april 2003, p. 13

 M. Beirens, « De Vlaamse componist Lucien Posman is een van die hedendaagse componisten die een voorliefde koesteren voor de teksten van William Blake..()…Posman componeert hier heel goed geschreven muziek bij, met grote nadruk op de verstaanbaarheid van de tekst en met feeling voor een mooie en kleurrijke invulling, waarbij hij de mogelijkheden van het koor goed aanvoelt. »De Standaard 25/01/2003

”Geen noodt, sappeloodt’ op Arco Baleno cd Identities

Gwyn Parry-Jones, « Seductive is the word; it’s hard to imagine anything sexier than the sound of the alto flute purring quietly amongst the strings in Posman’s wonderful little quintet that opens this disc. In its ten minutes or so of duration, the piece evolves imperceptibly, organically, and the alto flute becomes a standard flute, then finally a piccolo. This is an exceptionally satisfying and beautiful work, and is played with consummate skill by Arco Baleno, the Belgian group who have produced this outstanding disc. » Classical music on the web

Recensies over creaties

Concerto voor piano en strijkorkest (creatie Krefelt)

Konzert: “Ein wenig Romantik in der Moderne” „Timur und seine Mannschaft“ aus  Gent gaben mit Bach und anderen Meistern ein erstaunliches Debüt in der Alten Kirche.

 Gleich zwei Premieren erlebten die Musikfreunde in der fast ausverkauften Alten Kirche. Ein guter Bekannter, der Pianist Timur Sergeyenia, stellte sein frisch gegründetes Kammerorchester „Timur und seine Mannschaft“ vor. Dieses wiederum wartete auf mit der Uraufführung des Werks eines belgischen Komponisten…..  Nach den drei großartig vorgetragenen Sätzen kam mit Lucien Posmans Konzert für Klavier und Streicher der Höhepunkt des Abends. Eine Welt-Uraufführung, an der der 55-jahrige Belgier, einer der bekanntesten zeitgenössischen Musiker seines Landes, leider selbst nicht teilnehmen konnte. Keinesfalls atonal kam das dreisätzige Stück daher, sondern durchaus gefällig, regelrecht leicht und beschwingt. Im zweiten Satz erinnert das Werk streckenweise an eine romantische Filmmusik. In einzelnen Passagen, etwa wenn eine der Violinen in einen minimalistischen Dialog mit dem Klavier eintritt, lässt sich die Modernität des Werks aber gut erkennen Mit stehendem Applaus und zahlreichen Bravo-Rufen bedankte sich das Publikum bei den Musikern. Hatte man zuvor noch denken können, dass ein Orchester, das sich recht flapsig „Timur und seine Mannschaft“ nennt, auch ebenso spielt, so war man danach eines Besseren belehrt. Übrigens stammt der Name von einem alten sowjetischen Roman, wie Pfarrer Manfred Bautz verriet.

Den Abschluss machte Schostakowitschs Klavierquintett g-Moll op.57, von Sergeyenia bearbeitet zu einer Fassung für Klavier und Kammerorchester. Das Werk, Gipfelpunkt im kammermusikalischen Schaffen des Meisters, entstand kurz vor Ausbruch des 2. Weltkriegs. Bach klingt durch, auch die russische Folklore. Der erste Auftritt des Orchesters war gut gelungen. Man darf auf mehr hoffen in Krefeld.  http://www.wz-newsline.de/ 25. Februar 2008 – 00:00 Uhr

Ode XXII 

OSK, ‘Een hedendaagse historische gebeurtenis’ …(… De creatie van Daniel Gistelinck,  Octaaf Van Geert en Lucien Posman werd uitgebouwd tot een indrukwekkend en magistraal sluitstuk.. ), De Gentenaar, feb.6-12-1985

Songs of experience , voor middenstem en piano

J. Van Deun, ‘Posman en Rens krijgen prijs voor kamermuziek’, De Standaard, 15-2-1988

Wheel within wheel

J. Van Deun, ‘Week van Hedendaagse Muziek in museum en conservatorium’ ….slaagde Lucien Posman er in door een konsekwente schrijfstijl een coherente expressie te bereiken..), De Standaard, 7-2-1987

L. De Keyser,’ Een verfrissend bad’ (…Wheel within Wheel van de 35-jarige Lucien Posman is een heel stuk complexer, zoekt meer naar naar variëteit van taal en teken, ploegt meer in ingewanden van muziek en toehoorder, en eindigt met een beklemmende reverence naar Strauss en Mahler ? Er zit bijzonder veel muziek, grote stielkennis en dichterschap in deze muziek….De Gentenaar, 1987

5 Songs of experience for choir

C.A., ‘Veelzijdig beeld van hedendaagse muziek’ …(hoogtepunt van dit festival was het optreden van het BRT – koor olv Vic Nees met de creatie van werk van Posman en Peter Schat…, nav Belgisch Nederlandse muziekdagen Maastricht. Limburgs dagblad 25-4-1989

H.H. The Adventure of a Professor, opera

N. Verschoore, ‘A rebours dans un monde fou, Le conservatoire transfiguré pour la création de l’opera de chambre de Lucien Posman’ … Ses compositions prouvent un intérêt particulier pour la voix humaine, dans une structure sonore fortement rythmée et farcie de d’ imitations et de parodie. Son lyrisme est éclatant dans des rares passages où il le laisse s’ épanouir. …cette créationà Gand peut être le moment d’ essayer la musique contemporaine por celui que que la curiosité intellectuelle pousserait malgré une réticence initiale.  aankondiging in Le courier de Gand, 7-2-1992

K. Van Keymeulen, ‘Zonder schroom en met een daverde lach, Broers Posman schrijven ongewone opera waarin het goede overwint’, De Gentenaar 13 – 2- 1992

FRA, ‘Zevende week van de Hedendaagse muziek, Centraal staat Maurizio Kagel en de  opera van de gebroeders Posman’. De Gentenaar, 13 februari 1992

A. De Groeve, ‘Daverend succes voor ‘Hercules Haché’ ‘… en werd onthaald op een benijdenswaardige belangstelling en dito succes…Lucien Posman heeft op het geestige libretto van zijn broer André Posman  knappe muziek geschreven  die nergens kunstmatig , gezocht of geleerd klinkt. Het is boeiende en vooral sympathieke muziek die indruk maakt zonder verleidingskunstjes of overdonderende intellectualisme. Bovendien geeft hij blijk van een grote dosis humor (dansmuziek, marsen, ironische vocalises) en een treffende verbeeldingskracht. De knipoogjes naar de bestaande muziek, zijn zin voor voor realisme, zijn spelletjes met stilte en vooral een authentiek vakmanschap, zorgden ervoor dat de tijd voorbijvloog. Dit was uiteraard ook te danken aan de analytische, spitsvondige en vlotte regie van Ronny Lauwers, helemaal  gedacht in de geest van het burleske gegeven… Gazet van Antwerpen, 17-2-1992

Jacques Van Deun, ‘Posman bewijst dat het ook anders kan’…Posman’ s muziek parodieert en parafraseert met talloze stijlcitaten, maar bezit voldoende eigen zeggingskracht om boodschap en emotie tot een coherent geheel te bundelen…. Je voelt het vakmanschap en en de muzikale visie van een degelijk componist doorheen de verscheidenheid…Als je er rekening mee houdt dat het hele project als een studentenproductie opgezet werd, overstijgt het resultaat zonder meer de verwachtingen…Je houdt het niet voor mogelijk in een conservatorium… De Standaard, 17-2-1992

FV, ‘Melodiek van Lucien Posman geschikt voor operamedium, zevende week van de  Hedendaagse Muziek’… Met deze opera, vol verwijzingen naar de verste uithoeken van de  Belgische geschiedenis, legt de humor van Posman zowat alle mistoestanden in ons culturele landje bloot… De Standaard, vrijdag 14 februari 1992

Elly Rutten, Een opera als een stripverhaal, Wereldpremière ‘Hercules Haché in Gent’… De première van H.H. The Adventure of a Professor werd een evenement dat tot nadenken stemt over de leidinggevende en inspirerende rol die een school op kultureel gebied kan spelen…. Dat Posman kan componeren werd al duidelijk in het eerste bedrijf…Verschillende blazerscombinaties vormen een kleurige basis zonder de klankbalans uit het evenwicht te brengen. Voor het libretto deed Posman beroep op zijn broer, historicus en plastisch kunstenaar, en voor de vertaling in het Engels stond zijn zus Marianne in. Samen maakten ze er een drama giocoso, een burleske actie-opera met een grillig en complex verloop, gebundeld in vele korte en afwisselende scenes, een opera als een stripverhaal…Deze eigenwijze, eigentijdse Belgische wereldpremière vol Gentse humor, bewijst dat de opera nog lang niet dood is…  De Morgen, 18- 2 – 92

FRA, Opera om lachend te genieten, Studenten verrassend knap in kameropera van  Lucien Posman’… Posman’s persoonlijke taal luistert naar fijn geanalyseerde atonale, maar lyrisch en weinig dissonant aandoende tonen. Daarnaast heb je Posman die citeert en parodieert om situaties en  en personages te karakteriseren…De Gentenaar 17-2-1992

Geert  Stadeus, ‘De overwinning van Hercules / Stormachtig applaus vrijdagavond na de  opvoering van Hercules Haché’… Het publiek genoot zowel van de heldere klanken van Lucien Posman als het waanzinnige libretto van zijn broer André…Het Nieuw Conservatoriumensemble schittert onder leiding van Roland Coryn, met fijn samenspel tussen synthesizer en akoestische instrumenten… Humor in een concertzaal overbrengen is geen geringe prestatie, maar bij Hercules Haché is het gelukt. De opera maakt feestelijk gebruik van van ‘one liners’, ‘gags’, ‘running gags’ en visuele humor en stuurt de meeste Vlaamse komedieschrijvers beschaamd terug naar de tekstverwerker…Het Laatste Nieuws, 17-2-1992

N. Verschoore, ‘Belge et réussi !’ Le nouvelle opera des frères Lucien et André  Posman créé avec succes au Conservatoire de Gand’… Un ‘opéra’ de nos jours? Qui l’ eut cru? C’ est absolument encore étonnant, stimulant! Et ce nouvel opéra gravite autour de sujets brûlants: le belge et la Belgique de 1830 à nos jours! Et cela sur un ton burlesque où il n’ y a pas de fausses notes. … Le texte du livret imaginé pas André Posman est symbolique et plain d’ imagination. S’ il est manifestement trop long (le spectacle dure plus de trois heures), il ne manque cependant jamais d’ interêt….Dotée d’ un sens réel du theatre, la musique de Posman colle admirablement bien au texte. Elle est pleine de punch, de vivacité, d’à-propos, de lyrisme aussi, à l’ occasion et du meilleur… c’est une personalité trés originale et qui a le don d’ exalter musicalement toutes les situations. Le language est de notre temps, mais n’ est jamais aride ni sophistiqué. Au contraire, il est plein d’ imagination et de sensibilité. On remarque l’ aisance des ensembles vocaux à 3,4,5,et 6 voix qu il impose avec brio (les chanteurs aussi, faut-il dire!)… le  ‘Chant du réveil’ (le Waking Song) qui, chanté par une soprano, est d’une ineffable beauté…De nos jours, cette manière de composer tient plutôt du prodige!…Le courier de Gand, 21-2-1992

The book of Thel 

P. Grella Mozejko, « On the other hand, Lucien Posman’s (born 1952) The Book of Thel for voice and ensemble was a magnificent work. Unabashedly Romantic (it really does not matter whether “post” or “neo”), The Book of Thel is a tour de force. In its scope and narrative breadth, it could compete with many similar and great vocal cycles by great 20th century composers. It surely was one of the highlights of the festival. Part of its success must be attributed, of course, to the interpreters. I was told that the singer Mireille Capelle outdid herself and I could believe that. Her interpretation was both deeply moving and technically very compelling. »The Alberta New Music & Arts Review; Vol. III/IV, No. 4/5; Double issue: Fall 1999/Fall 2002; pp. 194-195

10 Songs of experience, voor gemengd koor

FRA, ‘Lucien Posman kleeft klare tonen op poëzie van Blake’.   De Gentenaar, 17-3-1998

P.V.L., ‘10 songs of experience’, in Even aanzoemen ANZ jg.27 nr.4 1999

M.W..  ‘Integere cd van Lucien Posman’, in De Eecloonaar, februari 1999

Symfonie een

F.Pauwels, ‘De lichtheid van een symfonie’. De Gentenaar 23 mei 1996

W.C. ‘Eerste symfonie van Lucien Posman’. Het Volk 25 mei 1996

J.F.V., ‘Franck, Chausson, Ryelandt et Lucien Posman sous la direction de F. Bollon’. Le courrier de Gand, 15 – 7 – 1996

FRA, ‘Lichte maar fijne eerste symfonie van Posman’. De Gentenaar, 2 – 7 – 1996

F. Pauwels, ‘Massale belangstelling voor Vlaams Festival in Sint Petersburg’, Lucien Posman tijdens de wereldberoemde Witte Nachten’. De Gentenaar, 28 – 7 – 1999

De laatste hooivracht

FV. ‘Ars Musica’  … De Laatste Hooivracht, een lichtpuntje van de avond, De Gazet van Antwerpen 17 – 3 – 1994

U.A. Olsen, ‘Cultuuruitwisseling, Het Spectra ensemble in de studio van het radiohuis’, Berligske tidende , 27-10-1999 (vertaling)

J. Jacobi, ‘Belgische elegantie’ …De Laatste Hooivracht van Lucien Posman een door en           door persoonlijk werk…, De Politiek,  12-10-1999

 

 

Advertisements